Neen.
Een robotmaaier is niet anders dan veel producten die we dagelijks gebruiken. Een afwasmachine doet onze afwas, een wasmachine wast onze kleren en antwoordapparaten nemen de telefoon voor ons op. Al deze producten zijn er om onze tijd te besparen, net als de een grasrobot. Dit heeft niets met luiheid te maken, maar met een slimmere manier om onze tijd in te delen, zodat u uw tijd op een andere wijze kunt doorbrengen. Het is simpelweg de volgende logische stap in het ontwerp van grasmaaiers.
Er wordt een smalle draad geplaatst onder de grond rondom uw gazon. Het is een eenmalige installatie die ongeveer net zoveel tijd in beslag neemt als de tijd die u gebruikt om één keer uw gazon te maaien. Deze begrenzingdraad zal na twee tot drie weken, onder normale groeiomstandigheden, volledig overgroeid en dus niet meer te zien zijn. De draad vormt de feitelijke afbakening voor de grasrobot. Hij zal het gebied dat door de draad afgebakend wordt perfect onderhouden.
De perifere draad dient om de werkruimte van de robot af te bakenen. Hij vormt een onzichtbare, kunstmatige grens. Hij kan ook rondom obstakels op uw terrein zoals zwembaden, struiken en bloemenperken, kiezelpaden, bomen met uitstekende wortels enz. worden gelegd om deze af te bakenen.
De meeste tuinen zijn geschikt om door een automatische grasmaaier te worden onderhouden. Slechts als er veel gebieden zijn met zeer smalle doorgangsstroken of veel van elkaar gescheiden zones zijn, is het niet interessant of eventueel onmogelijk om een grasrobot te gebruiken. Smalle stroken van minder dan 1 meter breed kunnen niet automatisch worden gemaaid.
Geen enkele grasrobot geeft zichtbaar afval. Afhankelijk van het type robot wordt langer gras gemulcht tot kleine snippers die verdwijnen tussen het gras. Andere maaien dan weer zeer regelmatig, meestal dagelijks, een klein stukje van het gras zodanig dat ook die snippers gemakkelijk composteren en opnieuw kunnen worden opgenomen als voedsel voor uw gazon.
Als het gras nat is kunnen er wat snippers aan uw voeten blijven kleven, maar nooit meer dan wat er aan uw voeten kleeft na een conventionele maaibeurt. Indien de grasrobot goed ingesteld staat, dan zal u hier bijna geen hinder van ondervinden.
Absoluut! Grasrobots zijn slim, maar niet ingewikkeld. Tienduizenden klanten zijn zeer gelukkig met hun robotmaaier en zullen nooit meer een oude traditionele grasmaaier kopen.
Traditionele grasmaaiers kunnen een last zijn voor mensen met astma, hooikoorts of andere ademhalingsproblemen. Een grasrobot vervuilt de luchtomgeving niet. Zelfs als u naast de robotmaaier staat terwijl hij aan het maaien is, zult u geen stof of grasdeeltjes inademen. Als u allergisch bent aan gras of hooikoorts heeft, kan een grasrobot zelfs een goede oplossing zijn. U hoeft er niet meer bij te zijn wanneer het gazon wordt gemaaid, waardoor bijna ieder contact met grasresten vermeden wordt. Het gras wordt bovendien zo kort gehouden dat allergenen geen kans krijgen om in de lucht te komen.
U kunt de installatie gemakkelijk zelf uitvoeren. U hoeft enkel de instructies te volgen in de gebruikshandleiding. De installatie zelf duurt 1 tot 5 uur, afhankelijk van de grootte en complexiteit van uw gazon. U kunt de installatie ook door ons laten uitvoeren. De installatiekost is niet inbegrepen in de adviesverkoopsprijs.
Neen. Indien u de perimeterdraad bovengronds plaatst, kunt u het eenvoudig zelf. Om de kabel in te graven heeft u iets meer tijd nodig, maar ook deze installatie blijft eenvoudig. Wij, van Grasrobots.be, gebruiken een speciale machine om de kabel in te graven, wat veel sneller gaat dan hem handmatig te moeten ingraven. U kunt de installatie uiteraard door ons laten uitvoeren. De installatiekost is niet inbegrepen in de adviesverkoopsprijs.
Neen, helemaal niet. De speciale machine die wij, van Grasrobots.be, gebruiken om te kabel in de grond te leggen maakt een kleine groef van amper 1 cm breed. Onmiddellijk na de installatie kunt u deze groef nog zien maar twee weken later zijn er geen sporen meer zichtbaar. In gunstige omstandigheden zijn er zelfs onmiddellijk na de installatie geen sporen meer zichtbaar.
Neen. U kunt de perimeterdraad eenvoudig vastpinnen op de grond met de meegeleverde krammen. Na ongeveer een 3-tal weken zal het gras over de draad heen gegroeid zijn – uiteraard op voorwaarde dat het gras voldoende groeit. Een goede tip is om het gras zo kort mogelijk te maaien op de plaats waar de perimeterdraad zal worden geïnstalleerd om een zo klein mogelijke afstand tot de grond te bekomen. Als u er toch voor kiest om de draad in te graven, doet u dat best op een diepte van 3 tot 10 cm.
Ja. Indien de boord op gelijk niveau ligt, kan de maaier enkele centimeters over de rand maaien. Indien de border niet gelijk ligt met het gazon dan kunnen niet alle grasrobots over de boord rijden en blijft er in sommige gevallen een randje gras staan. Of er al dan niet een randje gras blijft staan en de exacte breedte hiervan zijn afhankelijk van het type grasrobot en de situatie.
Ook rondom obstakels in uw gazon, zal altijd een klein boordje gras blijven staan, net zoals bij een traditionele grasmaaier.
Neen. In principe kan een grasrobot heel uw gazon maaien. Enkel wanneer er zones zijn waar hij niet kan komen zal u nog een traditionele grasmaaier nodig hebben.
In sommige gevallen kan een automatische gazonmaaier de randen niet maaien, dan raden we aan om die af te werken met een trimmer.
Enkel Robomow kan lang gras in één keer netjes kort maaien. Bij de andere merken zorgt u er best voor dat het gras niet té lang wordt. Als uw grasrobot dus enige tijd niet gemaaid heeft en het gras te veel gegroeid is, kunt u best vóór het eerste gebruik van uw robot uw gazon maaien met een traditionele grasmaaier.
Een traditionele grasmaaier kan – in tegenstelling tot grasrobots – wel gebruikt worden om in de herfst bladeren op te rapen.
Met één grasrobot kan men in gunstige omstandigheden maximaal 2 hectare, wat overeenkomt met 20.000m², onderhouden. Indien nodig kunnen meerdere maairobots op één terrein geïnstalleerd worden.
Het gazon mag oneffen zijn, maar grasrobots zijn niet ontwikkeld om weiden te maaien, daarvoor bestaan speciale maaiers of dieren.
De oneffenheid van het gazon zal zijn invloed hebben op de maaikwaliteit en de levensduur van mechanische onderdelen.
Neen. Het is aangewezen om uw gazon volledig vrij te houden. Kleine objecten kunnen onder de robotmaaier terechtkomen en vernield worden door de messen. Bovendien kunnen de objecten de messen ook beschadigen en de maairobot doen stilvallen. Zorg er dus voor dat er geen kleine objecten meer op uw gazon liggen alvorens uw grasrobot begint te maaien.
Voor bomen of andere gebieden in uw gazon die niet toegankelijk mogen zijn voor de maaier, bestaan er 2 oplossingen. Als het obstakel onbuigzaam is en minimum 20cm hoog, zal de maaier er gewoon tegenaan botsen. De bumpersensoren zullen het contact waarnemen en ervoor zorgen dat de maaier van rijrichting verandert. Andere gebieden, zoals bloemenperken of een zwembad, worden ook afgebakend door dezelfde perimeterdraad als rondom uw gazon.
De lus rond het obstakel wordt zodanig gelegd dat de maairobot deze draad herkent alsof het de rand van het gazon is. Hij zal dus volledig rond het obstakel kunnen rijden en maaien.
De kabel aan de rand van het gazon is verbonden met de kabel rond het obstakel zoals in de afbeelding zichtbaar is. De draden die eilanden met de rand verbinden (opgaande en terugkerende draad) moeten onder dezelfde pinnen worden vastgezet. Op die manier wordt het signaal waar de draden elkaar raken opgeheven. De grasrobot zal de dubbele draad gewoon voorbij rijden, maar hij zal wel reageren op het signaal van de enkele draad die rond het perimetereiland ligt. Dit komt omdat het signaal van 2 tegen elkaar gelegen kabels neutraal, dus onzichtbaar is voor de grasrobot.
Dit kan op verschillende manieren afhankelijk van het merk van de grasrobot. Maar alle zijn ze eenvoudig toe te passen.. Zeer belangrijk is dat de verbinding volledig waterdicht is, want vocht veroorzaakt oxidatie en zal de verbinding vernietigen of een lek naar de aarde veroorzaken.
Bij de FAQ per merk wordt uitgelegd hoe de perimeterkabel aan elkaar kan gezet worden.
Om de messen zo lang mogelijk te laten meegaan is het aan te raden om al deze objecten regelmatig samen te harken of te verzamelen. Ze zullen de maaier niet beschadigen, maar de messen zullen sneller verslijten en het risico bestaat dat de maairobot blokkeert. Takken kunnen de messen zo beschadigen of zelfs ombuigen wat neerkomt op een slecht maairesultaat.
Als een helling veilig kan gemaaid worden met een loopmaaier, zal een grasrobot dit ook goed kunnen. De maximaal te maaien helling is afhankelijk van het type grasrobot. Indien er twijfel bestaat wordt aanbevolen om te testen of de gewenste maairobot de helling veilig kan maaien.
Er zijn twee gebruikelijke manieren waarop je de helling van een oppervlakte kunt meten: volgens graden en percentages.
U kunt het eenvoudigst het hellingspercentage uitrekenen a.d.h.v. Figuur 1 en deze formule: Hoogte / Lengte = Helling in %.
Nadat u de helling in percentages berekend heeft, kunt u onderstaande Tabel 1 gebruiken om de helling, uitgedrukt in percentages, om te rekenen in graden.
|
Helling (%) |
Helling |
|
Helling (%) |
Helling |
|
Helling (%) |
Helling |
|
1.8 |
1° |
|
14 |
8° |
|
26.8 |
15° |
|
3.5 |
2° |
|
15.8 |
9° |
|
28.7 |
16° |
|
5.2 |
3° |
|
17.6 |
10° |
|
30.6 |
17° |
|
7.0 |
4° |
|
19.4 |
11° |
|
32.5 |
18° |
|
8.8 |
5° |
|
21.2 |
12° |
|
34.4 |
19° |
|
10.5 |
6° |
|
23.1 |
13° |
|
36.4 |
20° |
|
12.3 |
7° |
|
24.0 |
14° |
|
38.4 |
21° |
Maai uw gazon wanneer het gras droog is. Dit voorkomt dat de snippers samenklitten en resten vormen op het gazon. Als het warm weer is, is het beter om laat op de dag te maaien.
Mulchen vermindert de hoeveelheid water die nodig is voor het gazon omdat de snippers voor 80 à 85% uit water bestaan. Het vertraagt bovendien mogelijks verlies door verdamping aan het oppervlak en bewaart dus het water. Gazons hebben dus bij mulchen meestal minder water nodig.
Je beregent best niet te veel. Te veel water is niet alleen een verspilling maar het kan de groei van het gras versnellen, waardoor u nog meer moet maaien. Laat de grond gedeeltelijk uitdrogen tussen de beregenbeurten. Beregen wanneer de grond 5 cm diep uitgedroogd is. Gebruik een schroevendraaier om uw grond te testen en de diepte van het vocht te meten.
Beregen uw gazon tussen 4 en 8 uur ’s morgens, zodat het water de tijd heeft om in de grond te dringen vóór dat de zon het laat verdampen.
Uw gazon heeft per week 3 tot 4 cm water nodig. Door diep te beregenen kan uw gazon een diep wortelsysteem ontwikkelen, waardoor het beter bestand is tegen ziekte en droogte.
Het is voornamelijk de grasrobot die een effect zal hebben op mosgroei. Omdat uw gazon regelmatig en op een willekeurige manier gemaaid wordt, zal het gras beter en meer groeien. Eventuele mosgroei kan daardoor gedeeltelijk verdwijnen.
Vilt is de naam voor de laag onverteerde stengels en wortels die op de bodem achterblijven. Wens je die viltlaag te verwijderen, dan kan je het gazon verticuteren. In heel wat tuinen zorgt dit jaarlijks voor een flinke berg afval.
Voor alle duidelijkheid: vilt wordt niet veroorzaakt door de gemakkelijk verteerbare fijne grasblaadjes die tijdens het mulchmaaien tussen het gazon terechtkomen. Het zijn de oppervlaktewortels en de bovengrondse uitlopers van het gras zelf die moeilijker verteren.
Viltvorming kan je voorkomen door de leefomstandigheden van de afbraakorganismen aan het bodemoppervlak te verbeteren. Het komt er daarbij vooral op aan om het vochtgehalte onderaan het gras te verbeteren. In de praktijk betekent dit hoger maaien.
Bron: http://www.groen.net/artikel.asp?id=12539
De ideale maaihoogte ligt tussen 3 à 4 cm.
Mulchen vermindert de hoeveelheid bemesting die nodig is omdat de snippers ongeveer ¼ van de meststoffen leveren die uw gazon jaarlijks nodig heeft.
Houd uw maaimessen scherp. Scherpe messen zorgen voor een zuivere, veilige en efficiënte snede. Botte maaimessen zullen de punten van het gras scheuren en versnipperen, waardoor ziektes en organismen de plant kunnen binnendringen en verzwakken.
Een grasrobot laat geen strepen achter op uw gazon na het maaien; hij laat een opvallend gelijkmatig maaibeeld achter. Omdat de draaiende messen geen grote luchtverplaatsing veroorzaken zal de grasrobot het gras niet neerleggen zoals een loopmaaier, wat de strepen veroorzaakt. Omdat hij zich in alle richtingen over het gazon verplaatst, zal de maairobot een veel betere maaikwaliteit afleveren dan een traditionele loopmaaier.
Het is wel mogelijk dat je de sporen van de wielen ziet. Die sporen blijven even zichtbaar, afhankelijk van de weersomstandigheden en de maaihoogte.
Dit is afhankelijk van de situatie. In de meeste gevallen zijn er geen problemen, maar de kans bestaat dat de systemen elkaar storen. Enkel een proef installatie kan zekerheid bieden.
De levensduur is afhankelijk van de oppervlakte van het te maaien terrein en de werktijd van de grasrobot. Het antwoord op deze vraag is tevens afhankelijk van het type grasrobot, evenals van de manier waarop u het toestel onderhoudt!
In normale omstandigheden is de levensduur van batterijen 2 tot 6 jaar.
Via onze website kunt u een bestelling plaatsen of in onze zaak te Zele helpen wij u graag verder. Gelieve telefonisch een afspraak te maken.
De keuze uit de unieke vierwielaandrijving van de 100-lijn zorgt voor een nooit geziene aanpak. De robotgrasmaaier kan hellingen tot 30° (57%) aan, zonder aan kracht of snelheid in te boeten.
De modellen van de 200-lijn maaien hellingen tot 25° (47%).
Enkel de naam en de kleur zijn verschillend. Het zijn allemaal grasrobots van Zucchetti Centro Sistemi, een Italiaanse fabrikant die grasrobots onder verschillende merken verkoopt.
De Belrobotics grasrobots maaien uw grasperk op een willekeurige manier, 24u/24 en 7d/7, zodanig dat minstens één keer om de twee dagen het hele grasplein afgereden wordt. De snijmessen zijn vergelijkbaar met minuscule scheermesjes die fluisterstil ronddraaien tegen 3.000 omwentelingen per minuut. De robots werken volledig autonoom en gaan zelf hun batterijen opladen. Het hele terrein wordt afgebakend door een onzichtbare perifere draad die ongeveer 2 cm onder de grond wordt ingegraven.
Grasrobots van Belrobotics worden enkel door ons geïnstalleerd. Voor grote terreinen leggen wij immers de perimeterkabel in een buis met een diameter van 16 mm.
Voor het ingraven van deze buis met perimeterkabel gebruiken wij een speciaal ontwikkelde machine. Eerst wordt een snede gemaakt in het gras, vervolgens wordt de grond opengeduwd en plaatsen we de kabel ± 4 cm in de grond. Tenslotte wordt de gleuf dicht gereden. Onmiddellijk na het plaatsen van de perimeterdraad zijn er amper sporen zichtbaar. Na ± 2 weken is alles opnieuw dichtgegroeid (indien het gras groeit!).
de robotmaaiers van Belrobotics zijn uitgerust met een sonarinstallatie en een gevoelige luchtbumper. Wanneer een permanent of onvoorzien obstakel door de sonarinstallatie opgemerkt wordt, vertraagt de machine om de hindernis traag te benaderen. Bij contact (bijna zoals een streling) zal de grasrobot zich omdraaien en vervolgens zijn maaiweg verder zetten. Een obstakel moet minimum 40 cm hoog zijn om door de sonar te worden gedetecteerd.
De machines van Belrobotics zijn professionele machines, uitgerust met stevige onderdelen van de beste kwaliteit. De grasmaaiers, gemonteerd op een chassis in aluminium, ondervinden maar heel weinig hinder van wisselende weersomstandigheden. De aandrijfmotoren zijn geschikt om verschillende soorten terreinen probleemloos te onderhouden. Belrobotics is nog steeds de enige fabrikant van grasrobots die terreinen tot 2 ha kunnen maaien!
Zeker en vast. De meeste grasrobots kunnen zonder problemen een helling tot 30% oprijden en maaien. Indien u dit wenst komen wij graag ter plaatse om de haalbaarheid van de geplande installatie te bespreken.
Het is mogelijk dat wij, met het oog op een beter functionering, enkele aanpassingen adviseren zoals het terrein egaliseren, de hellingen afzwakken of een doorgang tussen twee zones verbreden.
Wanneer de batterijen van de robot onder een bepaald laadniveau zakken zal de boordcomputer de machine terug naar zijn laadstation sturen om te herladen. De robotgrasmaaier zal zijn perimeterdraad volgen tot aan het station. De koppeling aan het station gebeurt automatisch. Vervolgens start de laadcyclus, die ongeveer anderhalf uur duurt. Zodra het laden voltooid is begint de grasmaaier opnieuw te maaien gedurende 1u tot 1u30, naargelang de instellingen en grootte van het terrein.
Het is aanbevolen om wekelijks de onderkant van de machine te reinigen om opeengehoopt gras te verwijderen. We raden aan om de maaimessen tweemaandelijks te vervangen. U kunt dit zelf doen, het enige wat u nodig heeft is een kleine platte schroevendraaier.
Tijdens de winter raden we een winteronderhoud aan. U kunt de robot zelf bij ons brengen of hem laten ophalen. Een volledig winteronderhoud omvat ondermeer een grondige schoonmaak, een volledig nazicht van de mechaniek met eventuele vervanging van versleten onderdelen en een update van de software. De statistieken worden gedownload om een optimaal gebruik van uw robot te controleren.
Voor een terrein tussen 50 are en 1 hectare bedraagt het dagelijkse elektriciteitsverbruik ongeveer 1,8 kWh ofwel 25 cent per dag.
Helemaal niet. De robotgrasmaaiers maken ongeveer evenveel lawaai als een ventilator. Op enkele meters afstand hoort u ze bijna niet.
Indien u verschillende zones wenst te onderhouden, dient u rekening te houden met een vereiste minimum doorgangen. Een Parcmow heeft minimum 4 meter nodig om probleemloos van het ene naar het andere terrein te rijden. Voor een Bigmow is dat 5 meter.
Mollen houden niet van voorwerpen die zich op hun territorium verplaatsen. Molshopen hoger dan 25 cm zullen als een obstakel worden gedetecteerd. Indien de molshoop kleiner is dan 25 cm zal de robot erover rijden. De aarde zal verspreid worden door de snelheid van de draaikoppen. Als er zich toch een blokkering zou voordoen, zal de boordcomputer de machine tot stilstand brengen. Het is hoe dan ook aangewezen om molshopen zelf plat te trappen of open te rakelen.
De boordcomputer houdt een hele reeks parameters in het oog: snelheid van de messen, kop per kop, weerstand bij het snijden, aandrijfmotoren, uiterste positie van de grasmaaier, elektriciteitspanne, enz.
Als er een onregelmatigheid wordt geregistreerd die het systeem in gevaar zou kunnen brengen, zal de robot onmiddellijk tot stilstand worden gebracht en er zal een foutmelding verschijnen op de display onder de kap. U kunt dan gewoon de kap openen, de foutmelding lezen, het probleem oplossen door de oorzaak te verhelpen en de machine opnieuw starten door op de ‘ON’ knop te drukken.
Optioneel kunt u kiezen voor een elektronische module die een SMS-boodschap verzendt naar uw gsm. Deze functie is nuttig in geval van lange afwezigheid.
De gemiddelde levensduur van een grasrobot van Belrobotics bedraagt meer dan 10 jaar.
De robots van Belrobotics zijn ontworpen om dag en nacht te maaien. Ook als het regent zullen ze blijven maaien. Ze ondervinden geen hinder van regen.
Door het maaisysteem met kleine mesjes verkleint de kans op zware verwondingen. Tevens zal de grasmaaier rechtsomkeer maken wanneer hij een obstakel detecteert. Het blijft echter raadzaam geen kinderen of huisdieren op het gazon te laten spelen wanneer de grasrobot maait.
Het is mogelijk, voor elke dag van de week, uren te programmeren waarbinnen de robot aan zijn oplaadstation moet blijven.
De Parcmow® heeft een maaihoogte van 22 tot 65 mm en de Bigmow® tot 95 mm. Wanneer de grashoogte meer dan 10 cm bedraagt en u wenst snel een mooi resultaat, dan is het aanbevolen het gazon te maaien met een traditionele grasmaaier en het achterblijvende gras op te rapen alvorens de maairobot in werking te zetten. De machine raapt het gras immers niet op; hij is ontworpen om permanent te maaien.
In geval van elektriciteitspanne zal de machine onmiddellijk stoppen. Deze voorzorgsmaatregel voorkomt dat de robotmaaier zijn afgebakende terrein zou verlaten en eventuele schade zou aanrichten.
Het laadstation kan om het even waar langs het afgebakende terrein op de perimeterdraad geïnstalleerd worden. Het is aanbevolen om het laadstation te installeren op een plaats waar aan elke kant enkele meters vrij zijn. Uiteraard moet er een elektriciteitsaansluiting voorzien zijn.
Neen. Voor een goede werking en een optimale garantie worden grasrobots van Belrobotics enkel door ons, Grasrobots.be, geïnstalleerd.
Natuurlijk. De messen vervangen is eenvoudig en duurt slechts 5 minuten. U heeft enkel een kleine platte schroevendraaier nodig. Messensets zijn via ons verkrijgbaar.
De mobiele obstakels (tuinmeubilair, ...), voor zover ze hoger dan 25 cm zijn, moeten niet afgebakend worden. Nochtans, om te vermijden dat robots in de “val” gelokt worden en hierdoor tijd verliezen met zinloze manoeuvres, is het beter meubels en andere moeilijkheden (speelgoed van kinderen) uit de maaizone te verwijderen. Ook takken en dennenappels worden best regelmatig opgeraapt om zo de levensduur van de kleine mesjes te verlengen.
Immobiele elementen zoals bomen worden gedetecteerd, terwijl zwembaden, bloemenperken, struiken en paden zullen uitgesloten worden van de maaizone met behulp van de perifere draad, door de creatie van "eilandjes".
Hiervoor selecteert u de optie “Blijf laden”. De maaier zal dan in zijn laadstation blijven totdat u deze optie opnieuw deactiveert. Daarnaast kunt u zelf de uren en dagen programmeren waarop u wilt dat de grasrobot in zijn laadstation blijft staan.
Neen. De boordcomputer zal vaststellen wanneer er minder gras gemaaid wordt. De robot zal geleidelijk aan vaker in het station blijven staan.
Absoluut. De Automower werkt op een zeer eenvoudige manier. Eens de automatische grasmaaier is geïnstalleerd, zal hij volledig zelfstandig uw gazon onderhouden, ook al bent u thuis, op het werk of met vakantie. U bekomt voortdurend een goed maairesultaat en uw gazon zal er steeds verzorgd uitzien, en dat zonder dat u zelf nog het gras moet maaien. Bovendien is de machine zeer licht in vergelijking met conventionele grasmachines. De 220AC weegt slechts 8,6 kg. De verschillende functies op het controlepaneel zijn tevens gemakkelijk te bedienen.
Integendeel! De Automower is de stilste grasrobot op de markt, hij produceert slechts 63 dB (A). Dit komt ongeveer overeen met het geluid van een normale conversatie of een elektrisch scheerapparaat. U kunt hem gerust uw gazon laten maaien zonder dat u of uw buren er last van hebben.
Wanneer alles geïnstalleerd is moet u enkel de hoofdschakelaar aanzetten om de maaier te starten en de beveiligingsklep sluiten. Druk op de grote “STOP”-knop om hem uit te schakelen.
Neem contact op met uw verdeler. Hij zal u helpen uw PIN code terug te vinden.
Afhankelijk van het model kan een Automower tot 5000m2 onderhouden. Deze oppervlakte kan in grootte tot 20 % variëren in functie van de complexiteit van de tuin. Voor zeer complexe tuinen moet de maaicapaciteit met 20 % verminderd worden. Indien het een zeer eenvoudige tuin betreft, bijvoorbeeld een voetbalveld, dan mag de maaicapaciteit tot 20 % vergroot worden.
De exacte capaciteit voor elk model vindt u terug onder de productbeschrijvingen.
Neen. Enkel wanneer er zones zijn waar de Automower niet kan komen zal u nog een traditionele grasmaaier nodig hebben.
Indien het gras niet op gelijke hoogte ligt met naastgelegen beplanting of verharding, kan de Automower de randen niet maaien. We raden aan om deze randen af te werken met een trimmer.
Omdat de Automower niet in staat is om lang gras in één keer kort te maaien, zorgt u er best voor dat het gras niet té lang wordt. Als uw grasrobot dus enige tijd niet gemaaid heeft en het gras te veel gegroeid is en te lang geworden is, kunt u best vóór het eerste gebruik van uw robot uw gazon maaien met een traditionele grasmaaier.
U kunt 2 of meerdere machines tegelijkertijd installeren.
Ja. De werkuren van de Automower worden ingesteld naargelang de gazongrootte. Voor model 220 AC is 75m2 per uur een goede referentie. Als uw tuin 300m2 groot is, dient u de maaier in te stellen op 4 werkuren per dag. De 220 AC zal circa 45 minuten maaien en daarna ongeveer even lang opladen. Deze cyclus zal gedurende de ingestelde tijd, 4 uur in dit geval, herhaald worden.
In principe wel, zolang de hellingsgraad van 35% niet wordt overschreden.
Indien uw tuin bestaat uit verschillende KLEINE stukken gras, die niet met elkaar verbonden zijn, dan is een Husqvarna Automower minder interessant. Het gemaksvoordeel wordt in dit geval eerder beperkt omdat de maaier regelmatig handmatig moet worden verplaatst. Een Robomow kan bij deze situatie een meer geschikte oplossing zijn, omdat die minder frequent dient te maaien en dus minder handmatig moet verplaatst worden.
Door de grote aandrijfwielen kan de Automower goed werken op oneffen oppervlakten. Enkel smalle stroken en diepe gaten kunnen ervoor zorgen dat de Automower komt vast te zitten. De Automower is wel smal genoeg om de kromming van een ruw gevormd gazon te volgen. Hij zal de “heuvels” in uw gazon niet afschrapen zoals de meeste grote grasmaaiers.
Als het gras lang en dik is dient u de maaihoogte te verhogen en geleidelijk aan te verlagen tot het gewenste niveau. In extreme omstandigheden zal het gazon eerst met een conventionele grasmachine moeten worden afgereden alvorens de Automower kan beginnen maaien.
Ja, maar onder extreme weersomstandigheden, zoals hevige regen en stormen, is het best dat u de grasmaaier beschut plaatst.
Nat gras zal geen negatieve invloed hebben op het maairesultaat. Er zal echter wel meer gras onder de Automower blijven kleven.
De Automower is ontworpen om te kunnen maaien bij temperaturen tot 45°C. Vanaf 25°C zullen de maai- en laadtijden korter worden omdat de batterijcapaciteit lager is in warme weersomstandigheden. De maaiprestatie echter blijft ongewijzigd.
Ja. Als u 2 laadstations en 2 perimeterdraden installeert, kunt u 2 aparte installaties uitvoeren en de Automower op beide locaties gebruiken. Houd er echter rekening mee dat een Automower ontworden is om regelmatig kleine stukjes van het gras te maaien. Hij moet dus frequent maaien om een mooi resultaat te bekomen.
Ook al heeft de Automower weinig kracht en is hij door zijn maaiconcept waarschijnlijk de veiligste grasrobot op de markt, u kunt altijd uw vingers en tenen snijden aan de messen. Een ingebouwd veiligheidssysteem zorgt ervoor dat de messen automatisch stoppen als de maaier wordt opgetild of omgedraaid. We raden aan om de Automower volledig uit te schakelen als er kleine kinderen in uw tuin spelen.
Ja. De Automower heeft verschillende diefstalbeveiligingssystemen die kunnen worden ingeschakeld. Belangrijk is dat de maairobot niet bruikbaar is zonder de persoonlijke PIN code. Het installatieslot voorkomt dat de Automower kan werken in een andere installatie dan de uwe. Het tijdslot bepaalt dat uw viercijferige PIN code moet worden ingegeven binnen een bepaalde tijdsinterval. Dat tijdsinterval kunt u zelf instellen of uitschakelen. De stopbeveiliging vraagt u uw PIN code in te voeren als de Automower gestopt wordt – zoniet gaat er een alarm af.
Neen. Onze ervaring is dat huisdieren de Automower respecteren en hem de nodige ruimte geven. Als ze neerliggen zijn ze geneigd om zich te verleggen, uit de weg van het werkterrein van de Automower. Hoe dan ook, de Automower is uitgerust met sensoren die ervoor zorgen dat hij automatisch verandert van richting als er bepaalde ‘objecten’ zoals huisdieren worden waargenomen. Als hij toch zou botsen met een huisdier zal dat slechts een klein contact zijn dat geen schade aan het dier zal brengen.
De levensduur is afhankelijk van de oppervlakte van het te maaien terrein en de werktijd van de Automower. Als een Automower 220AC jaarlijks 8 maanden maait op een terrein van 800m2 zal uw batterij ongeveer 2 seizoenen meegaan. Om batterijcapaciteit te sparen stelt u best de timer in verhouding tot uw tuingrootte in. Een richtlijn hierbij is 75m2 per uur, wat wil zeggen dat 800m2 gemaaid wordt op ongeveer 11 uur per dag en dat onder normale omstandigheden. Tijdens het droogseizoen kunt u gemakkelijk de werktijd verlagen zonder te moeten inboeten aan een goed resultaat, waardoor de levensduur van uw batterij vergroot!
De levensduur van de messen hangt af van de bodemsoort en het type gras. Normaal gezien gaan de messen ongeveer 200 werkuren mee. Op een oppervlakte van 1000m2 betekent dit 1 à 2 maanden. U kunt de mesjes in amper 5 minuten zelf vervangen met een normale schroevendraaier.
Vandaag zijn er verschillende soorten mesjes beschikbaar:
Ja. Alvorens de Automower binnen te zetten moet hij grondig worden gereinigd zonder water. U bewaart de maaier best in een droge en vorstvrije omgeving. Wij raden u ook aan om het laadstation binnen te bewaren tijdens de winter. De perimeterdraad mag in uw gazon blijven zitten.
De messen regelmatig vervangen is van groot belang om een uitstekend maairesultaat te behouden. Nu en dan, afhankelijk van uw gazongrootte, dient u het gras van tussen de wielen en het chassis te verwijderen. Dit duurt slechts enkele minuten.
Robomow® is kind- en diervriendelijk. Eén van de veiligheidskenmerken is een sensor die de messen binnen 1 seconde stopzet als de robot wordt opgetild! Robomow® herkent bovendien ook bomen, rotsen en andere obstakels op het gazon door middel van bumpersensoren.
Robomow kan werken in 2 modi:
Gemiddeld zal de Robomow® iets meer tijd nodig hebben dan een loopmaaier, maar dit is onbelangrijk omdat u andere dingen kunt doen terwijl de maaier bezig is. De totale tijd is afhankelijk van de oppervlakte van uw terrein evenals van het model van de grasrobot.
De Robomow® is een automatische gazonmaaier met een maaibreedte van 53 cm. Hij mulcht het gras in drie afzonderlijke kamers en maakt daarbij gebruik van motoren die zeer snel draaien (5800 omwentelingen per minuut). Het resultaat is een efficiëntere mulching dan die van de meeste conventionele mulchmaaiers omdat het kleinere grasresten achterlaat die verdwijnen in de wortels van het gras. Deze kleinere resten zorgen voor een snelle afbraak en dienen daardoor als een natuurlijke meststof voor uw gazon. Het is absoluut niet nodig de resten op te ruimen.
Door één keer op de GO knop te drukken zal de robotmaaier speciaal langs de randen van het gazon rijden. Hij volgt daarbij de perimeterdraad. De grasboorden kunnen worden gemaaid doordat de messen buiten de wielbasis draaien. Als hij daarmee klaar is zal hij automatisch de rest van het gazon maaien.
Robomow is de enige grasrobot die buiten zijn wielbasis kan maaien.
De maaier voldoet aan of overtreft alle veiligheidsvoorschriften voor loopmaaiers. De stopsnelheid van de messen van de Robomow® is 60% sneller dan vereist, iets wat niet voorkomt bij loopmaaiers. Bovendien dragen de veiligheidssensoren die botsingen met objecten waarnemen, de sensoren die het optillen van het maaidek registreren, het kinderslot en de handbediening alle bij tot zinvolle veiligheidsmaatregelen en –systemen.
Er zijn 2 hoofdcriteria die bepalend zijn voor uw keuze: de afmeting van uw gazon en een model met al dan niet een laadstation. De RL1000 en de RM400 hebben beide een laadstation. Deze modellen vertrekken automatisch van het laadstation op vooraf ingestelde tijden. Bij de overige modellen moet u de Robomow® op het gazon rijden en op de GO knop drukken.
De meeste Robomow® modellen hebben een antidiefstal systeem waarbij u een 4-cijferige PIN code kunt kiezen die vóór elk gebruik moet worden ingegeven. De robotmaaier is totaal onbruikbaar voor iemand die de code niet kent. bovendien weegt de machine ongeveer 35 kg inclusief accu. Het is dus niet gemakkelijk om de machine zomaar even weg te dragen. De maaier is erg stil, en zal bijgevolg weinig aandacht trekken tijdens het onbewaakt maaien. Volgens ons zijn er nog nooit automatische grasmaaiers gestolen. Het blijft natuurlijk een persoonlijke beslissing die moet worden afgewogen aan uw eigen ervaring met uw woonomgeving.
Ja. De RM400 en RL1000 kunnen maximaal 4 gazons volledig automatisch onderhouden. Robomow® kan zodanig geïnstalleerd worden dat hij van het ene gazon naar het andere kan rijden. Belangrijk aandachtspunt bij het maken van de doorgang voor de robot is dat de doorgang breed genoeg moet zijn. Voor de RM400 komt dit op minimum 1,05 m en voor de RL1000 op minimum 1,70 m. bovendien moet de ondergrond stabiel zijn en zich op een gelijk niveau bevinden. Dat laatste wil zeggen dat de ondergrond vlak moet zijn. Een helling kan, maar er mogen geen trappen zijn.
Er moet tevens een draad gelegd worden als verbinding tussen de verschillende gazons zodat de grasrobot die kan volgen. Deze draad kan ofwel worden ondergewerkt in losse steentjes of tussen de voegen gelegd worden, of door buisjes worden getrokken onder de grond. De buisjes moeten dan worden voorzien alvorens het pad wordt aangelegd.
Ja. Beide Robomow® modellen en laadstations zijn volledig waterbestendig. Een regensensor op de grasmaaiers kan gras- en weercondities bepalen en het programma hieraan aanpassen. De contacten aan het laadstation zijn vervaardigd uit roestvrij staal waardoor ze niet zullen oxideren.
De installatie is vrij gemakkelijk en duurt gemiddeld 1 tot 3 uren. De complete instructies voor het uitvoeren van de installatie worden omschreven in de handleiding. Bij de Robomow® machines wordt er bovendien een DVD meegeleverd die iedere stap van de installatie toont en beschrijft. Er wordt ook een kleine liniaal bijgevoegd om u te helpen de correcte afstanden de bepalen tijdens de installatie.
RL modellen:
Ja. De hoogte is in 6 standen aanpasbaar. Zowel van de voor- als van de achterwielen kan de hoogte geregeld worden.
RM modellen:
Ja. U kunt de maaihoogte instellen door het deksel van de Robomow® op te tillen en aan de verstelkop te draaien.
NOG TE DOEN
NOG TE DOEN
Indien de batterij goed wordt onderhouden is de gemiddelde levensduur 2 tot 4 jaar, afhankelijk van het te maaien terrein.
U heeft 2 jaar garantie op de grasrobot vanaf de aankoopdatum. Op de batterijen heeft u 1 jaar garantie.
Bij normale regenval zal de automatische grasrobot niet beschadigd raken. Het is echter niet aangewezen de maaier gedurende een hevige storm te laten werken. Als het begint te regenen terwijl de robot aan het maaien is, is er evenmin een probleem. Verschillende Robomow® modellen zijn uitgerust met een regensensor en u kunt ervoor kiezen de maaier niet te laten werken als het regent. Het is verboden de onderzijde van de maaier te wassen met een waterstraal.
Neen. De voeding is voorzien van een stroombewaking die toestaat dat deze altijd aangesloten kan blijven zonder enig risico van beschadiging. In feite is het zelfs aanbevolen tussen de maaibeurten door en voor de winteropslag de robot aan zijn lader te koppelen.
Dit is afhankelijk van het model dat u gebruikt, de afmeting van het terrein en de gebruikshoeveelheid. Gemiddeld zult u niet meer dan 10 à 20 euro per seizoen betalen aan elektriciteitsverbruik.
1.1.1. Robomow® Verwijder de zekering van de accu en reinig de machine. Plaats de Robomow® binnen in een droge en vorstvrije ruimte; laat hem daarbij steunen op zijn wielen. Zorg ervoor dat de bumper rondom volledig vrij is. Plaats de accuzekering en verbind de winterlader met het stopcontact gedurende de hele winterperiode. Als de grasrobot is aangesloten verschijnt 'Laadt op' op het scherm. Als de accu volledig geladen is, zal 'Klaar - blijft opladen' op het scherm verschijnen. Het laadsysteem en de accu zijn zodanig ontworpen dat ze de hele tijd kunnen opgeslagen blijven zonder gevaar van overladen, oververhitting of schade aan de accu. Winterladen 1.1.2. Laadstation / perimeterschakelaar Het is aanbevolen het laadstation en/of perimeterschakelaar tijdens de winterperiode te verwijderen: - Trek de stekker van de voeding uit het net - Open het laadstation / het deksel van de perimeterschakelaar - Koppel alle verbindingen los van het laadstationbord - U kunt nu het deksel van het laadstation / de perimeterschakelaar verwijderen en deze op een droge plaats opslaan - We raden aan de voeding op een droge plaats op te slaan; als dat niet mogelijk is, bescherm dan de kabeluiteinden tegen vocht om corrosie te voorkomen terwijl ze van het laadstation losgekoppeld zijn. - Verwijder de groene stekker van de perimeterdraden (maaivlakconnector) (steek hem op het laadstationbord voor volgend seizoen) en bescherm de uiteinden van de perimeterdraden tegen vocht om corrosie te voorkomen terwijl ze van het laadstation losgekoppeld zijn. - Bescherm de overgebleven connector met de zwarte rubber bedekking. 1.1.3. Na de winteropslag Kijk na of alle verbindingen, laadpinnen en draadeinden proper zijn vóór de eerste maaibeurt. Indien nodig kunt u ze voorzichtig schoonwrijven met fijn schuurpapier van 200 grit fijnheid of hoger, of met staalwol van '00' of fijner. Stel het laadstation weer op en verbind alle draden met het bord; Ga na of Robomow® de juiste datum en tijd toont.
1.2.1. Robomow® Verwijder de zekering van de accu en reinig de machine. Plaats de Robomow® binnen in een droge en vorstvrije ruimte; laat hem daarbij steunen op zijn wielen. Zorg ervoor dat de bumper rondom volledig vrij is. Plaats de accuzekering en verbind de winterlader met het stopcontact gedurende de hele winterperiode. Als de grasrobot aangesloten is, verschijnt 'Laadt op' op het display. Wanneer de accu volledig geladen is, zal 'Klaar - blijft opladen' op het scherm verschijnen. Het laadsysteem en de accu zijn zodanig ontworpen dat ze de hele tijd kunnen aangesloten blijven zonder gevaar van overladen, oververhitting of schade aan de accu. 1.2.2. Perimeterschakelaar Het is aanbevolen de perimeterschakelaar tijdens de winterperiode te verwijderen: - Trek de stekker van de voeding uit het net - Open het deksel van de perimeterschakelaar - Koppel alle verbindingen los van het perimeterschakelaarbord - Verwijder de perimeterschakelaar en bewaar hem op een droge plaats - Verwijder de groene stekker (maaivlakconnector) van de perimeterdraden, sluit hem aan op het perimeterschakelaarbord voor volgend seizoen en bescherm de uiteinden van de perimeterdraden tegen vocht om corrosie te voorkomen terwijl ze van de perimeterschakelaar losgekoppeld zijn.
1.3.1. Robomow® Verwijder het accupack van Robomow® en reinig de machine. Plaats de Robomow® in een droge en vorstvrije ruimte en dek hem toe ter bescherming; laat hem daarbij steunen op zijn wielen. Zorg ervoor dat de bumpers rondom volledig vrij is. Controleer de staat van de messen en vervang ze indien nodig. 1.3.2. Perimeterschakelaar Maak de perimeterschakelaar los, verwijder de batterijen en bewaar hem op een droge plek. 1.3.3. Accupack Laad het accupack volledig op tot het bericht "Klaar, blijf laden" verschijnt en bewaar het apart van Robomow®. Zet het niet op de grond maar bvb in een houten rek op een droge plek waar het niet kouder wordt dan -20°C (-4°F). Een volledig geladen accupack mag gedurende drie maanden opgeslagen worden zonder bijladen indien opgeslagen in een koele, droge ruimte. Laad het accupack weer op voordat u de Robomow® opnieuw gebruikt in het volgende seizoen.
1.4.1. Robomow® Verwijder het accupack van Robomow® en reinig de machine. Plaats de Robomow® in een droge en vorstvrije ruimte en dek hem toe ter bescherming; laat hem daarbij steunen op zijn wielen. Zorg ervoor dat de bumpers rondom volledig vrij is. Controleer de staat van de messen na en vervang ze indien nodig 1.4.2. Perimeterschakelaar Maak de perimeterschakelaar los, verwijder de batterijen en bewaar hem op een droge plaats. 1.4.3. Laadstation Het is aanbevolen het laadstation tijdens de winter te verwijderen: - Trek de stekker van de voeding uit het net. - Draai de twee schroeven los die het deksel van het laadstation vasthouden. - Koppel de groene stekker tussen de perimeterdraad en het laadstationbord los. - Verwijder de groene stekker van de perimeterdraden en plaats een waterbestendige klem over de twee vrije draaduiteinden om te vermijden dat er roestvorming optreedt terwijl de draden niet aan het station verbonden zijn. - Verwijder het hele laadstation en bewaar het op een droge plaats. - Bewaar alle onderdelen op een droge plek. - Als het niet praktisch is de stroomdraad te verwijderen, trek dan eerst de stekker uit het stopcontact en verwijder dan de aansluitingen aan het bedieningspaneel van het laadstation. - Nadat u de stroomdraden losgemaakt heeft, dient elk uiteinde van deze draden beschermd te worden tegen oxidatie gedurende de winter. Indien u geen weerbestendige verbinding gebruikt kan oxidatie ontstaan. - Vergeet niet de connectoren te verwijderen van de perimeterdraadeinden en scherm ze af op dezelfde manier zoals de stroomdraadeinden. - Aan het begin van elk maaiseizoen moet u de laadcontacten van de Robomow® en van het laadstation voorzichtig schoonwrijven met fijn schuurpapier van 200 grit fijnheid of hoger, of met staalwol van "00" of hoger. Daardoor wordt alle oxidatie verwijderd die eventueel is ontstaan. Het contact tussen de laadcontacten en het laadstation zal weer optimaal zijn. - Alvorens te beginnen maaien in het nieuwe seizoen dient u het laadstation opnieuw op te stellen. - Reinig voorzichtig deze contacten bij het begin van elk seizoen, of vroeger indien nodig. 1.4.4. Accupack Laad het accupack volledig op tot het bericht "Klaar, blijf laden" verschijnt en bewaar het apart van de Robomow®. Plaats het niet op de grond maar bvb in een houten rek op een droge plek waar het niet kouder wordt dan -20°C (-4°F). Een volledig geladen accupack mag gedurende drie maanden opgeslagen worden zonder bijladen indien opgeslagen in een koele, droge ruimte. Laad het accupack weer op voordat u de Robomow® opnieuw gebruikt in het volgende seizoen.
Maai op regelmatige tijdstippen, zodat u korte, kleine snippers krijgt. Gedurende het actieve groeiseizoen moet de maaifrequentie verhoogd worden naar iedere 3 tot 5 dagen, voordat het gras te lang wordt. Korte grassnippers composteren snel en zullen het grasveld niet bedekken. Indien het gras te lang geworden is dan verhoogt u de maaihoogte. Laat de grasrobot maaien en verlaag vervolgens na verschillende maaibeurten stapsgewijs de hoogte, tot u de gewenste hoogte bereikt heeft.
Volg de regel van één derde: snij nooit méér dan 1/3 van het gras af. Indien u maait zoals het hoort krijgt u korte snippers die niet op het gazon zullen liggen. Het kan zijn dat u regelmatiger zal moeten maaien als het gras snel groeit, afhankelijk van het seizoen. De ideale maaihoogte ligt tussen 3 à 4 cm. Vermijd te kort gras net voor de winter en in volle zomer.
Optie A - Zoektocht naar draadbreuk met behulp van een radio:
Symptomen
De perimeterschakelaar/het laadstation geeft een geluidssignaal en het lampje brandt bij het signaal van een schaar. Dit betekent dat er een breuk is in de draad.
Als uw perimeterschakelaar/laadstation van 2008 is of jonger ga dan verder naar optie A.
Als hij ouder is dan 2008, ga dan verder naar optie B of contacteer Grasrobots.be, voor een draadbreuk detector.
1. Koppel één van de twee perimeterdraadeinden los uit het laadstation/perimeterschakelaar
2. Het laadstation/perimeterschakelaar-bord blijft, ondanks de draadbreuk, een signaal genereren van 2 Khz (i.p.v. 8Khz bij normaal gebruik) wat voorkomt dat de maaier kan werken.
3. Stel de radio af op een willekeurige frequentie in AM en zet het volume hoog. Loop langs de perimeterdraad. Houd de radio boven de draad. In de ene richting zullen er tonen (piepjes) hoorbaar zijn (door de radiozender heen) en in de andere richting niet.
4. De draadbreuk bevindt zich op dat punt waar de tonen (piepjes) niet meer hoorbaar zijn.
Optie B – Draadbreuk zoeken
Symptomen
Het symbool met de schaar op de perimeterschakelaar/het laadstation knippert (Figuur 1). Dit wil zeggen dat er een breuk in de draad zit.
Oplossing
Eerst en vooral moet u nagaan of het probleem zich bevindt bij de perimeterschakelaar/het laadstation zelf of in de continuïteit van de perimeterdraad.
Controleer de perimeterschakelaar/het laadstation door een korte draadlus van enkele centimeters aan te sluiten op de connector (Figuur 2) of door de draadlus aan te sluiten in een andere zone (als u die heeft). Als het LED-lichtje “draad onderbroken” niet oplicht en als het ON-lichtje continu knippert, wil dat zeggen dat de perimeterschakelaar/het laadstation in orde zijn en dat er een draadbreuk is.
Figuur 1
Draad onderbroken
indicator pinkt
Figuur 2
Perimeterschakelaar testen, met behulp van een kleine lus
Probeer u te herinneren of er enige werken werden uitgevoerd in uw tuin sinds de laatste automatische maaibeurt die mogelijks een draadbreuk hebben kunnen veroorzaken. Loop langs de perimeterdraad en controleer of er geen breuk in de draad zit, vooral op plaatsen waar u recent heeft gewerkt, zoals het onderhoud van de borders, nieuwe beplantingen, en dergelijke.
Zoek een beschadigde kabel in de buurt van het punt waar de automatische grasrobot bij de laatste maaibeurt gestopt is met maaien. Loop langs de kabel (inclusief aparte eilandjes) en zoek aandachtig naar een breuk of een slecht contact.
Controleer de connectoren en de draadklemmen:
• Neem de 2 draaduiteinden, maak ze proper, plug ze opnieuw in en draai de schroeven vast.
• Controleer de draad die van de perimeterschakelaar rondom het gazon loopt.
• Controleer aandachtig alle kabelverbindingen.
• Zorg ervoor dat alle kabelverbindingen gemaakt zijn met standaard connectoren. Op plaatsen waar de draad is aangesloten zonder stekker, en enkel is dichtgedraaid, bestaat de kans dat de draad onderbroken is als gevolg van corrosie.
Zoek vervolgens nog een tweede maal naar een mogelijke draadbreuk door de verschillende draadlengtes te meten en daarbij de perimeterschakelaar te gebruiken als continuïteitsdetector (gebruik Figuur 10 om de verschillende stappen te volgen):
• Koppel de perimeterschakelaar los van de perimeterdraad, maak de 2 schroeven waarmee de draadeinden zijn aangesloten op de klemmen los en laat ze losgekoppeld
• Neem een extra stukje draaduiteinde en maak twee nieuwe draden naar gewenste lengte (2 tot 10m)
• Strip 6mm van de isolatie van ieder draaduiteinde en sluit deze aan op de perimeterschakelaar
• Strip vervolgens 2,5cm van de isolatie van het uiteinde van de andere draad
• Kies elk verdacht stuk van de perimeterdraad waarvan u de continuïteit wenst te testen
• Definieer de 2 punten op de perimeterdraad (punten 1 en 2 op Figuur 10) en strip, zonder door te snijden, 6mm van de isolatie op elk punt (de afstand tussen deze 2 punten mag niet groter zijn dan de lengte van de draad die u heeft gemaakt voor de test)
• Vlecht het uiteinde van de nieuwe draad van de perimeterschakelaar rond een van de punten op de perimeterdraad en doe hetzelfde met de andere draad rond het tweede punt op de perimeterdraad
• Schakel de perimeterschakelaar aan en controleer of er geen onderbreking is in de specifieke draad die wordt getest
• Als het lampje “draad onderbroken” niet oplicht, betekent dit dat de draadtest (tussen de 2 punten) gelukt is
• Koppel een van de extra kabeluiteinden los en sluit deze aan op een ander punt om de continuïteit van de draad verder te testen in de volgende selectie (in Figuur 10 is dit de draad van punt 1 naar punt 3)
• Als “draad onderbroken” verschijnt op de perimeterschakelaar betekent dit dat de onderbroken draad zich bevindt in het geteste stuk perimeterdraad (in Figuur 10 is dat tussen punt 3 en 4)
• Het is aanbevolen om de probleemzone af te bakenen op de plaats waar de draad is onderbroken
• Als de probleemzone klein genoeg is, kunt u aandachtig zoeken naar de breuk of naar slechte contacten en ze herstellen door standaard stekkers te gebruiken. U kunt de oude kapotte draad ook weghalen en een nieuw stuk perimeterdraad plaatsen
Koppel de perimeterschakelaar los van de perimeterdraad, draai de 2 vijzen waar de draaduiteinden aangesloten zijn op de draadklemmen los en laat ze losgekoppeld.
Let op! Als de perimeterschakelaar/het laadstation op verschillende zones is aangesloten is het aanbevolen om eerst na te gaan in welke zone de draadbreuk zich bevindt en vervolgens pas verder te gaan met het zoeken naar de draadbreuk in de betreffende zone.
WAARSCHUWING! Volg onderstaande instructies.
Vervang eerst één accu voordat u de tweede accu vervangt.
De accu’s vervangen: